Nieuws

Nieuw Besluit risico zware ongevallen (Brzo)

Op 8 juli is het Besluit risico zware ongevallen 2015 (Brzo 2015) van kracht geworden. Het Brzo 2015 is een gevolg van de Europese SEVESO III-richtlijn. Doelstelling van het besluit is het voorkomen en beheersen van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen betrokken zijn. Het besluit stelt eisen aan de meest risicovolle bedrijven in Nederland. Ook regelt het de wijze waarop de overheid daarop moet toezien. 

Brzo
In Nederland vallen ruim 400 bedrijven onder het Besluit risico’s zware ongevallen (Brzo), omdat zij met grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen werken. Deze bedrijven moeten specifieke maatregelen nemen om de risico’s van zware ongevallen te beperken. Want als er bij deze bedrijven iets mis gaat, kunnen de gevolgen voor werknemers, omgeving en milieu enorm zijn.

Wijziging
Het Brzo 2015 komt in de plaats van het Brzo 1999. De wijziging betreft voornamelijk nieuwe Europese eisen aan het categoriseren van gevaarlijke stoffen. Daarnaast verplicht het besluit om meer informatie uit inspecties openbaar te maken en moet meer informatie met de Europese Commissie worden gedeeld.

Hoog- en laagdrempelige inrichtingen
In het nieuwe besluit vallen Brzo-bedrijven, afhankelijk van de hoeveelheid en categorie indeling van gevaarlijke stoffen, onder hoog- en laagdrempelige inrichtingen. Hoogdrempelige inrichtingen zijn verplicht een veiligheidsrapport op te stellen en in te dienen. Daarin moeten bedrijven aantonen dat zij  juiste maatregelen hebben genomen om zware ongevallen te voorkomen of de gevolgen ervan te beperken. Laagdrempelige inrichtingen moeten ook deze maatregelen nemen maar zonder veiligheidsrapport.

Melden bij bevoegd gezag
Vanwege de wijzigingen in de indeling van gevaarlijke stoffen moeten de bedrijven voor 1 juni 2016 nagaan of deze wijzigingen gevolgen hebben voor de indeling. Wijzigingen  moeten zij melden bij het bevoegd gezag. Door de nieuwe indeling kunnen bedrijven die tot dusver geen verplichtingen hadden, nu wel onder het Brzo 2015 vallen en vice versa. Ook deze bedrijven zijn zelf verantwoordelijk om zich voor 1 juni 2016 te melden als nieuw Brzo-bedrijf bij het bevoegd gezag.

Uitvoering Brzo 2015
Bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor het nemen van alle maatregelen die nodig zijn om zware ongevallen te voorkomen of de gevolgen ervan te beperken. Vanwege het risico door de grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen worden deze bedrijven ook met regelmaat geïnspecteerd op naleving van de wet. Het Brzo-inspectieteam bestaat uit inspecteurs van de volgende organisaties:

  • In opdracht van gemeenten of provincies controleren Omgevingsdiensten (OD’s) op milieuaspecten en externe veiligheid
  • Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid inspecteert vanuit het oogpunt van de werknemersveiligheid.
  • De veiligheidsregio controleert op brandveiligheid en rampenbestrijding.

Zij opereren gezamenlijk als één inspectieteam, ieder vanuit eigen expertise en eigen aandachtsgebieden. Rijkswaterstaat of een waterschap is als adviseur bij een inspectie betrokken als er risico’s bestaan op een onvoorziene lozing op het oppervlaktewater of een rioolwaterzuiveringsinstallatie.

Voorlichting
In het najaar is er een voorlichtingsbijeenkomst over Brzo 2015 voor bedrijven en er zijn bijeenkomsten voor de overheden in de zes Brzo-regio’s.

Rrzo 2015
In de Regeling risico zware ongevallen 2015 (Rrzo 2015) wordt de inhoud van het besluit verder uitgewerkt. Deze regeling wordt naar verwachting in september van dit jaar vastgesteld.

Meer informatie:

InfoMil
Brzo+

fabriek.jpg

 

 

Deel deze informatie via: